banner
   
Home Schlegel's grijpstaartpalmadder - Botriechis schlegelii Alfabetisch
Register
  Groefkopadders - Gifslang Tandtype: Solenoglyf  
Leefgebied     Voortplanting
 
De slang is er in een grote verscheidenheid aan kleurvariaties. De meest voorkomende kleuren zijn bruin-geel, groen-geel, groen, groen-bruin, groen-rood, rood-bruin en grijs-bruin. De meest opvallende kleur-varianten zijn de gele en goud-gele. Schlegel's grijpstaartadder Serpo 2008
Schlegel's grijpstaartadder Serpo 2008
De Nederlandse naam wimpergroef-kopadder is afgeleid van de twee puntige schubben die boven beide ogen van de slang als wimpers naar voren steken. De slang wordt voornamelijk aangetroffen in de lager gelegen gebieden van zeeniveau tot op een hoogte van ongeveer 1300 meter. 
Schlegel's grijpstaartadder Serpo 2008

Om de exacte reden waarom de slang de puntige schubben boven zijn ogen heeft wordt nog steeds gespeculeerd.
Er wordt aangenomen dat deze voornamelijk bedoeld zijn om de ogen te beschermen tijdens de jacht. De slang is een passieve jager en wacht tot zijn prooi binnen bereik komt. Het wachten kan soms uren en zelfs dagen duren zonder dat de slang zijn plaats verlaat

Het dunne uiteinde van de staart gebruikt de slang als lokmiddel. Deze beweegt hij als een klein wormpje waarop allerlei soorten kikkers en kleine reptielen af komen. Zodra de prooi binnen bereik komt bijt de slang toe. In plaats van een snelle beet blijft de slang zijn prooi vast klemmen in zijn bek tot het gif zijn werk gedaan heeft 

Het vrouwtje kan sperma opslaan en tot
5 jaar na paring alsnog jongen krijgen.
 

Midden- en
Zuid-Amerika

10-12 jongen tot 20 jongen

   
Leefomgeving Broedtijd
   

regenwoud bomen en struiken van vochtig oerwoud

eierlevendbarend jongen worden volledig volgroeid geboren

   
Voedsel Leeftijd
   

kleine gewervelde dieren

   
Lengte en gewicht Bijzonderheden
   

50-80 cm.
gem. 50-60 cm.

ook bekend als
wimperadder,
Schlegels groef-kopadder, of wimpergroef-kopadder