banner
   
Home Senegal galago - Galago senegalensis Alfabetisch
Register
       
Leefgebied     Voortplanting
 
Senegal galago Dierenpark Emmen 2009
Zeer behendige springers met lange achterpoten en een dikke staart die bij het springen voor evenwicht zorgt.

De Senegal galago leeft in familiegroepjes, geleid door een dominant ouder mannetje.

Soms slaapt de hele familie op dezelfde slaapplek.

Het markeren van het territorium wordt voornamelijk gedaan door het dominante mannetje, soms ook door vrouwtjes.

Een geurstof uit een klier op de borst wordt hierbij gewreven langs takken en stammen. Ook wordt urine achtergelaten.

Jongen worden geboren in een nest, waar ze de eerste tien dagen in blijven. Soms maken ze een uitstapje op de rug van hun moeder. Na vier maanden zijn de jongen volgroeid.

Senegal galago Dierenpark Emmen 2009
 
 

van Senegal tot Oost- en
Zuid-Afrika

2 soms 3 jongen

de jongen wegen bij de geboorte slechts 12-15 gram

   
Leefomgeving Draagtijd
   

beboste savannes

123 dagen

   
Voedsel Leeftijd
   

ongewervelde dieren, hagedissen, jonge vogeltjes en eieren, gom, vruchten, zaden en boomsappen.

14 jaar

   
Lengte en gewicht Bijzonderheden
   

16-20 cm.
staart 19-30 cm.
112-300 gram

ook bekend als
spookdiertjes

Een oog van een Senegal galago weegt meer als
zijn hersenen. 

In evolutionair opzicht zijn de spookdiertjes het boeienst van alle primaten.
Hun anatomie vertoont een mengeling van primitieve kenmerken van de halfapen en enkele meer ontwikkelde kenmerken van de apen en mensapen.

Net als andere halfapen hebben galago's een kaak die uit twee afzonderlijke helften bestaat, kamklauwen aan hun tenen, meer dan twee tepels en een baarmoeder die
gesplitst is in twee afzonderlijke kamers.

Maar anders dan hun nachtelijke verwanten hebben ze geen reflecterend laagje aan de achterkant van hun ogen.
Ze hebben ook geen natte neus maar net als de apen en mensapen is hun neus warm en droog en hun bovenlip beweeglijk en behaard. Ook hun gebit lijkt meer op dat van apen,
de gebitskam (eenspeciale tand die ervoor dient de vacht te verzorgen), een typisch kenmerk van de halfapen, ontbreekt.

Verder hebben ze net als apen een menstruatiecyclus in plaats van de strikt beperkte vruchtbare perioden van de halfapen.

Omdat het nacht-dieren zijn, hebben ze enorme ogen, maar ze kunnen hun oogballen slechts beperkt bewegen.
Om dit te compen-seren kunnen ze hun kop, net als uilen bijna 180° draaien.