banner
   
Home Kabeljauw - Gadus morhua Alfabetisch
Register
       
Leefgebied     Voortplanting
 
Kabeljauw Artis 2010
Kabeljauw is gemakkelijk te onderscheiden van andere kabeljauwachtigen, zoals
schelvis en wijting, door de enkele 'baarddraad' aan de onderkaak en door de licht gekleurde lijn op de zijkant.
Kabeljauw Artis 2010 Kabeljauw is een roofvis die van alles eet.

Jonge kabeljauwtjes voeden zich vooral met roeipootkreeftjes.

Na 3-5 maanden gaan ze dichter bij de zeebodem zwemmen en voeden zich daar met vooral garnalen en krabben.

De volwassen kabeljauw gaat in zijn voedselkeuze over van bodemdieren op vis en kunnen uiteindelijk een lengte van meer dan 1,5 meter bereiken en 40 kg wegen.

Kabeljauw kan meer dan 15 jaar oud worden.

Echter door de intensieve visserij bereikt maar 5% van de 1-jarigen het vierde levensjaar.
Op die leeftijd is ongeveer de helft volwassen geworden.
 

noordelijke kustwateren rond de Atlantische Oceaan

 

   
Leefomgeving  
   

langs kustwateren

 

   
Voedsel Leeftijd
   

garnalen, krabben en vis

15 jaar

   
Lengte en gewicht Bijzonderheden
   

1,5 m.
40 kg.

Ook in de Noordzee was kabeljauw tot voor enkele jaren zeer talrijk

De eieren zweven in het water.

De larven zijn ongeveer 4 mm lang als ze uit het ei komen.
De voortplanting in de Noordzee vindt plaats in de winter. In de paaitijd verzamelen de volwassen kabeljauwen zich op de paaigronden.

De belangrijkst paaigronden zijn traditioneel gelegen langs de Schotse kust, in de centrale Noordelijke Noordzee, langs de randen van de Doggersbank, bij Flamborough en langs de Nederlandse kust.

Er zijn drie soorten kabeljauw in de handel: Groenlandse, Arctische en Antarctische. Ook lodde, een verre verwant uit de Middellandse zee, wordt wel eens kabeljauw genoemd. Kabeljauw is op z’n best in het late najaar.

Gepekelde, gedroogde kabeljauw wordt verkocht onder de naam stokvis, haddock, bacalao of klipvis. De gepekelde hom wordt verkocht als taramasalata of tarami.
Aan het eind van hun eerste levens-jaar zijn ze uitge-groeid tot vissen van 13 tot 26 cm en zwemmen dan vooral in de cen-trale en oostelijke Noordzee.