banner
   
Home Borneose orang oetan - Pongo pygmaeus pygmaeus Alfabetisch
Register
       
Leefgebied     Voortplanting
 
De orang oetan is de enige mensaap
die leeft in Azië.
Oerang oetan Ouwehands 2008
De orang oetans die je op Sumatra (Pongo pygmaeus abeli) vindt zijn veel lichter van kleur en hebben een grovere haarstructuur.

De orang oetans op Borneo (Pongo pygmaeus pygmaeus) zijn bruin tot bijna zwart en hebben een veel fijnere, zachtere vacht.
Oerang oetan Ouwehands 2008 Ze kunnen 13 verschillende klanken maken.
Oerang oetan Ouwehands 2008
's Nachts slaapt de orang-oetan in een nest, hoog in de bomen, die hij zelf heeft gemaakt door takken te vlechten.  
Het jong blijft de eerste 5 tot 8 jaar bij zijn moeder. De orang oetan zorgt op de mens na het langst voor haar kinderen.  
 

Zuidoost-Aziatische eiland Borneo

meestal 1 jong
soms 2 jongen
het jong wordt geboren in een boomnest

   
Leefomgeving Draagtijd
   

bebost gebied op 1500 m. hoogte

8 maanden

   
Voedsel Leeftijd
   

fruit, maar ook insecten, padden-stoelen, boom-schors, bladeren, scheuten en het merg in takken van stengels

50-60 jaar

   
Lengte en gewicht Bijzonderheden
   

110-140 cm.
40-80 kg.

De Borneose orang-oetan heeft een donkere oranjerode vacht.

Mannetjes worden veel groter dan vrouwtjes.
Een mannetje had een lengte van
180 centimeter.

De Borneose orang-oetan heeft een donkere oranjerode vacht. Hij heeft zeer lange armen en sterke grijphanden en -voeten, een aanpassing aan het leven in bomen.

Mannetjes hebben opvallende grote wangkwabben, een keelzak en een korte, oranje tot rode baard, die bij de vrouwtjes ontbreken. De kwabben zijn kaal en bol, in tegenstelling tot die van de Sumatraanse soort, waarbij de kwabben behaard zijn en langs het gezicht lopen.  

De populatie in het zuidwesten van het eiland wordt vaak als een aparte ondersoort,
P.p. wurmbii, beschouwd