banner
   
Home Blauwtongskink - Tiliqua scincoides chimaerea Alfabetisch
Register
       
Leefgebied     Voortplanting
 
Blauwtongskink Serpo 2008
De blauwtongskink is een zwaargebouwde skink met korte poten en een grote kop.
Blauwtongskink Serpo 2008

De schubben van de blauwtongskink zijn glad en de kleuren kunnen variëren van goud- of zilverkleurige rug met bruinige dwars strepen.

Opvallend is de blauwe tong van deze skink, die fel afsteekt tegen de roze slijmvliezen in de bek.

Blauwtongskinks hebben geen echte tanden maar kunnen toch behoorlijk bijten.

Het dier leeft voornamelijk op de grond en is dus geen klimmer.
Het zijn meestal schuwe dieren en ze leven solitair.
In geval van dreiging maakt de blauw-tongskink een sissend geluid en laat zijn blauwe tong zien.

Ook kan het dier zijn ribben uitzetten om groter te lijken.

De schubben zijn zeer glad en zacht waardoor dit dier moeilijk te vangen is.

Net zoals bij de salamanders kan het dier zijn staart los laten waardoor het aan een roofdier kan ontsnappen.
Blauwtongskink Serpo 2008
 
 

het oosten van Australië en diverse eilanden van Indonesië

6-20 jongen

   
Leefomgeving Eierlevendbarend
   

savanne, steppen en wouden

Dit betekend
dat het vrouwtje
de eieren bij zich houdt tot de geboorte.

   
Voedsel Leeftijd
   

fruit en bessen, maar ook onge-wervelden als wormen en slakken

20 jaar

   
Lengte en gewicht Bijzonderheden
   

45-60 cm.
gem. 493 gram

jonge skinks zijn direct zelfstandig