banner
   
Home Vicuña - Vicugna vicugna  Alfabetisch
Register
       
Leefgebied     Voortplanting
 
Vicuna Diergaarde Blijdorp 2008 Vicuña's leven in gebieden met veel water,
wat ze ook dagelijks nodig hebben,
in tegenstelling tot andere kameel achtigen.
Vicuna Diergaarde Blijdorp 2008
Vicuña's zijn de kleinste soort onder de kamelen.

Vicuna Diergaarde Blijdorp 2008

De ondertanden blijven groeien, ook bij volwassen dieren.

Daarom is het van belang dat ze takjes en schors hebben om op te knagen.

Vicuna Diergaarde Blijdorp 2008
Vicuña's zijn sierlijke dieren en zijn de kleinste van alle kameelachtigen. Ze hebben een zachte vacht van zeer fijne wol. Deze dieren zijn bruin gekleurd met een witte buik.
 

Zuid-Amerika
Andesgebergte

1 jong

   
Leefomgeving Draagtijd
   

bergbewoner
op hoogten van
3500-5750 m.

345 dagen
11 maanden

   
Voedsel Leeftijd
   

grassen

max. 24 jaar

   
Lengte en gewicht Bijzonderheden
   

138-151 cm.
staart 23 cm.
45-60 kg.

kleinste soort
kameel

De vicuña behoort tot de kameel-achtigen, net zoals de lama, guanaco en de alpaca. In tegenstelling tot bij de meeste zoogdieren treedt er geen bronsttijd op, maar komt er een eisprong na een dekking. Deze vorm van paring wordt geïnduceerde ovulatie genoemd.

De duur van de paring is hooguit 20 minuten. Een merrie draagt haar jong 11 maanden en is meteen na de geboorte van het jong weer vruchtbaar. Een merrie werpt één jong per keer. Dit doet ze staand. Het jong staat binnen 15 minuten en poogt dan al een paar stappen. Het is tot ongeveer 10 maanden afhankelijk van de moeder. 
Net als bij alle lama's blijven hun ondertanden door-groeien. In de natuur slijten deze tanden vanzelf af, maar in gevangen-schap kan dit problemen geven. Je ziet dan dieren waarbij de onder-tanden naar boven uitsteken.
De Inca's zagen de vicuña als een hoog dier en het werd daarom ook beschermd. Op de dieren mocht geen jacht gemaakt worden. Alleen wanneer de priesters het aangaven mochten de dieren voorzichtig opgedreven worden om ze te kunnen scheren.

Tegenwoordig worden de dieren beschermd in een aantal reservaten in Peru en Bolivia. Hier wordt ook weer de oude methode van de Inca's gebruikt om hun (nog steeds) kostbare wol te winnen.