banner
   
Home Komeetstaartvlinder - Argema mittrei Alfabetisch
Register
       
Leefgebied Overzicht vlinders Voortplanting
 
Komeetstaartvlinder Dierenpark Emmen 2007

De komeetstaartvlinder behoort tot de familie van de nachtpauwogen.

Veel nachtpauwogen hebben oogvlekken op lichtdoorlatende vensters in de vleugels om belagers in verwarring te brengen.

De mannetjes hebben niet alleen veel bredere antennes, maar ook veel langere staarten aan hun achtervleugels.

De volwassen vlinder heeft geen mond en kan niet eten, hierdoor leven ze ongeveer vijf dagen.

Van verschillende soorten wordt de cocon gebruikt om er natuurzijde van te maken.

Vlak voor ze verpoppen, spinnen de rupsen een stevig cocon van zijdedraad.
Daar binnenin verpoppen ze.

Komeetstaartvlinder Dierenpark Emmen 2007

De cocon is zilverachtig van kleur en heeft gaten die ervoor zorgen dat bij een tropische regenbui de cocon niet vol water loopt.

In de pop vindt de gedaanteverwisseling van rups tot vlinder plaats.

De rups die volledig ingesteld is op eten en groeien verandert in een vlinder, die voornamelijk is ingesteld op voortplanting.

Als de gedaanteverwisseling is voltooid, barst de poppenhuid open en kruipt de vlinder uit zijn pop of cocon.

De veervormige vertakte antennes zijn vooral bij de mannetjes uiterst gevoelig.

Hiermee kunnen ze de lokgeuren van vrouwtjes waarnemen.

Zijde is een product van een rups. Uit een klier net onder de mond van een rups, komt een dunne vloeistof, die aan de lucht verhardt tot een draad.
 

Madagaskar

   
Leefomgeving  
   

bosrijk gebied

   
Voedsel Leeftijd
   

de vlinder eet en drinkt helemaal niets

4-5 dagen

   
Lengte en gewicht Bijzonderheden
   

spanwijdte
18 cm.
staartlengte
tot 20 cm.

bedreigd

De buitenste draad zijde is van onregelmatige, en daardoor mindere kwaliteit.

Van verschillende cocons worden meerdere dunne draden van de binnenste lagen bij elkaar gebracht.

Dit vormt uiteindelijk een grote streng samengesteld zijdedraad.

Doordat naast deze draad ook een heel klein beetje kleefstof wordt afgescheiden, kleeft de draad vast aan de achtergrond, of aan al eerder geproduceerde draad.

De rups maakt met zijn kop tijdens het produceren van de zijdedraad continu "achtvormige" bewegingen.

Door steeds op een andere plaats rondom zichzelf te bewegen, ontstaat een cocon.

Van de nog niet uitgekomen cocons wordt de zijde, met behulp van bijna kokend water, afgewikkeld.

De kleefstof, die de zijde bij elkaar houdt, lost op in het hete water.

De streng zijdedraad die zo ontstaat, is sterk genoeg om te worden gekleurd en uiteindelijk om te worden gebruikt voor bijvoorbeeld het weven van stoffen.

Komeetstaartvlinder Berkenhof 2007

Van de over-blijvselen van de afgewonden cocons wordt een mindere kwaliteit zijde geproduceerd.

De dode poppen in de cocons worden gebruikt als vee-voer of als grond-bemesting.