banner
   
Home Kortsnuit zeepaardje- Hippocampus hippocampus Alfabetisch
Register
       
Leefgebied     Voortplanting
 
Een zeepaardje is een vis, het lichaam is sterk zijdelings afgeplat, het hoofd lijkt wel op dat van een paard en heeft een lange snuit.

Ook heeft een zeepaardje een bolle buik, een lange, oprolbare grijpstaart en geen schubben.

Een zeepaardje zwemt rechtop, dit gaat niet erg snel want de enige aandrijving is een kleine rugvin.

Naast de stuwende rugvin zitten aan de zijkanten van het hoofd twee kleine sturende vinnen.
Kortsnuit zeepaardje Blijdorp 2010
Kortsnuit zeepaardje Blijdorp 2010
Tijdens de winter migreren zeepaardjes middels de stroming naar grotere diepten waar de temperaturen stabieler zijn en om het onrustige koude water aan de oppervlakte te vermijden.

Het mannetje is de enige man in het gehele dierenrijk die een echte zwangerschap heeft. Het vrouwtje produceert de eieren met dooier die ze met een lange legbuis in de buidel van het mannetje legt.

Tijdens de zwangerschap voorziet de man de embrio’s van calcium (essentieel voor de vorming van het skelet) en de zuurstof via slijmvlies in de buidel wand.
 

Middellandse Zee tot aan de Waddenzee

 

   
Leefomgeving Draagtijd
   

ondiep algenrijk kustwater tussen zeewier en zeegrassen

3-5 weken

   
Voedsel Leeftijd
   

kleine kreeft-achtigen, vislarven en aasgarnalen

4-5 jaar

   
Lengte en gewicht Bijzonderheden
   

10-15 cm.

Als een van de weinige vissen kan ook loodrecht naar boven en naar beneden gezwom-men worden.

Het zeepaardje kan van kleur veran-deren en zelfs patronen en teke-ningen aannemen. Gedurende de draagtijd (van 3 tot 5 weken afhankelijk van de water temperatuur) regelt de man ook de chemische samenstelling van de vloeistof in de buidel, zodat vlak voor de geboorte deze vergelijkbaar van samenstelling met het zeewater “buiten”.

Jonge zeepaardjes worden geboren als kleine versies van de volwassenen.Hun eerste instinct is om naar het wateroppervlak te zwemmen om hun zwemblazen te vullen. Direct vanaf hun geboorte zijn ze zelfstandig, de ouders geven geen verdere broedzorg.
In Nederland meestal waar-genomen in haringgraat of geweispons.