| Home | Cheeta of Jachtluipaard - Acinonyx jubatus | Alfabetisch Register |
|||||||||
| Leefgebied | Voortplanting | ||||||||||
|
|||||||||||
| Afrika, India | 1 - 8 jongen | ||||||||||
| Leefomgeving | Draagtijd | ||||||||||
| Savannes, bossen | 90-95 dagen | ||||||||||
| Voedsel | Leeftijd | ||||||||||
| Voornamelijk kleine gazellen | 12-16 jaar | ||||||||||
| Lengte en gewicht | Bijzonderheden | ||||||||||
| 1,12-1,35 m. staart 84 cm. 39-65 kg. |
Cheeta's kunnen kun nagels niet geheel intrekken. Wordt ook wel gepard genoemd |
||||||||||
| Na 3 weken krijgen de jongen behalve moedermelk ook vlees te eten en na 6 weken gaan ze helemaal over op vast voedsel. | Van deze cheeta's werd lang gedacht dat het een zeldzame ondersoort was.
Hij wordt daarom koningscheeta genoemd.
Dit type jachtluipaard heeft grotere vlek-ken op zijn vacht sommige hebben ook een streep op hun rug. |
Na de jacht moet de cheeta ten minste 40 minuten uitrusten, om "op adem te komen". Zou hij dit niet doen, dan zou hij over- verhit kunnen raken en zo ernstig ge- wond kunnen raken. |
![]() |
||||||||
| Jachtluipaarden leven zowel solitair als in paartjes of kleine familie-groepjes. | ![]() |
Geregeld blijven twee of drie broers voor een langere tijd bij elkaar, ook al lang nadat ze hun moeder hebben verlaten. | |||||||||