![]() |
|
|
![]() |
| Home |
Witsnuit neusbeer - Nasua narica |
Alfabetisch Register |
| |
|
|
|
| Leefgebied |
|
|
Voortplanting |
| |
Witsnuitneusberen zijn zeer actief.
Ze hebben een uitstekend reukvermogen en kunnen wel tot tachtig centimeter in de grond ruiken.
Gevangen spinnen en insecten worden eerst met de voorpoten over de grond gerolt voordat ze opgegeten worden.
Dit om te voorkomen dat deze dieren hem steken of bijten. |
 |
Een neusbeer graaft een hol met zijn voorpoten als hij op zoek is naar voedsel, zodat
hij met zijn lange snuit door het zand kan wroeten.
Ook peutert de neusbeer vaak dode boomstronken uit elkaar en de kleine dieren die
daarbij tevoorschijn komen worden razendsnel gegrepen. |
 |
Ze zijn herkenbaar aan de lange, flexibele snuit en de lange, slanke staart. De vacht is grijsbruin van kleur met witte delen op de armen, de snuit, de kin en de keel. De witte oren zijn smal en rond. Net als wasberen heeft de neusbeer een zwart-met-wit gekleurd gezichtsmasker.
De staart is zwartgeringd en wordt bij het lopen verticaal gehouden. De ringen zijn bij jonge dieren meestal beter zichtbaar dan bij volwassen neusberen. De voeten zijn zwart van kleur.
Vrouwtjes leven in groepen samen met de jongen, mannetjes leven alleen. |
Witsnuitneusberen kammen hun vacht afwisselend met voor- en achterpoten.
In tegenstelling tot andere kleine beren, is de neusbeer vooral overdag actief. De mannelijke dieren leven solitair en vertonen fel territoriaal gedrag tegenover elkaar.
Vrouwelijke neusberen leven samen met de jongen in groepen van 4-20 leden. |
|
|
zuiden van de Verenigde Staten tot aan het noorden van Zuid-Amerika |
2-7 jongen |
| |
|
| Leefomgeving |
Draagtijd |
| |
|
bosgebied en grasland |
70-77 dagen |
| |
|
| Voedsel |
Leeftijd |
| |
|
spinnen, insecten, muizen, hagedissen, vruchten en noten |
7-14 jaar |
| |
|
| Lengte en gewicht |
Bijzonderheden |
| |
|
lengte
m.
3-5 kg. |
wordt ook wel
Coati of Pizote
genoemd
|
De witsnuitneus-beer heeft een groot aan-passingsvermogen en hij bewoont dan ook veel ver-schillende bosge-bieden, van laag-landregenwouden tot bergbossen en nevel-wouden.
Soms zijn neus-beren ook te vinden in gras-landgebieden. |
De meeste tijd wordt doorgebracht met het zoeken naar voedsel op de grond.
Neusberen hebben een uitstekend reukvermogen.
Op één dag legt een neusbeer soms wel een paar kilometer af tijdens zijn zoektocht naar voedsel.
De nacht wordt doorgebracht in de bomen, waar de neusberen veilig zijn voor de meeste roofdieren. |
 |
Net als alle kleine beren is de wit-snuitneusbeer een omnivoor. Onge-wervelde dieren, verschillende soorten insecten
en landkrabben vormen het hoofd-voedsel, maar ook muizen, kikkers, hagedissen, eieren, vruchten en noten staan op het menu. |
| Het zijn luidruchtige dieren, die met veel verschillende uitroepen van gekwetter en geknor tot gejammer en geschreeuw met elkaar communiceren. |
| |
|
|
|