![]() |
|
|
![]() |
| Home |
Waterbok - Kobus ellipsiprymnus |
Alfabetisch Register |
| |
|
|
|
| Leefgebied |
|
|
Voortplanting |
| |
 |
 |
De waterbok is een kuddedier en leeft in kleine kuddes van 5 tot 12 dieren, bestaande uit een dominant mannetje en enkele vrouwtjes en jongen.
Mannetjes zonder harem, meestal dieren die niet ouder zijn dan vier jaar, leven in vrijgezellengroepjes van tot wel veertig dieren. |
 |
Soms leeft hij solitair, voornamelijk een door de groep verstoten dier.
De waterbok is zeer trouw aan zijn woongebied, en sommige dieren blijven tot acht jaar in hetzelfde gebied.
Na een draagtijd van meer dan acht maanden wordt één, soms twee jongen geboren, dat de eerste twee weken verborgen blijft.
Na deze weken volgt het jong zijn moeder naar de kudde.
Het jong wordt zes maanden gespeend. Vrouwtjes zijn volgroeid na drie jaar. |
Er zijn twee belangrijke groepen van de waterbok.
De ellipsiprymnus groep is gevonden in heel Zuidoost-Afrika.
De defassa groep is gevonden in het noordoosten, Midden-en West-Afrika. |
|
|
Afrika ten zuiden van de Sahara |
1-2 jongen |
| |
|
| Leefomgeving |
Draagtijd |
| |
|
savannes en valleien nabij water |
8-9 maanden |
| |
|
| Voedsel |
Leeftijd |
| |
|
grassen, kruiden, bladeren en vruchten |
18 jaar |
| |
|
| Lengte en gewicht |
Bijzonderheden |
| |
|
kop-romplengte
m.
staart 33-40 cm.
schouderhoogte
m.
♂ 200-300 kg.
♀ 160-200 kg.
|
Mannetjes zijn territoriaal. |
| |
Alleen mannelijke waterbokken hebben hoorns, die naar voren worden gebogen
en variëren in lengte van 55 tot 99 cm. |
|
| |
|
|
|